GVKA vs BLS: meer empirisch onderzoek nodig

1 februari 2018

In november 2017 heeft de Europese Raad van ministers van Financiën, de Ecofin, aangedrongen op een precieze beoordeling van de positieve en negatieve effecten van EPSAS. De Europese Commissie zal deze beoordeling uitvoeren vanuit vier gradaties van EPSAS-implementatie uiteenlopend van uniformerende verplichting tot en met vormvrije vrijblijvendheid.

Afgelopen maand zijn zowel de Duitse als Nederlandse Algemene Rekenkamer (AR) naar buiten gekomen met hun standpunt omtrent de invoering van het baten-lasten stelsel bij de gehele Rijksoverheid. Duitsland en Nederland zijn twee van de laatste landen binnen de Europese Unie die het baten-lasten stelsel nog niet volledig hebben ingevoerd. De druk vanuit Europa neemt toe om het baten-lasten stelsel voor de gehele overheid in te voeren.

De standpunten van de Duitse en Nederlandse AR kunnen niet meer uit elkaar lopen: waar de Duitse AR de invoering van het baten-lasten stelsel “quatsch” vindt[1], is de Nederlandse AR juist heel erg voor de invoering van het baten-lasten stelsel[2].

Het is opmerkelijk om te zien dat de meningen van Rekenkamers van de twee landen zo uit een kunnen lopen: de landen kennen eenzelfde cultuur op het gebieden van financiën en de boekhouding: het moet gedegen en betrouwbaar zijn. Waar de Nederlandse AR er van overtuigd is dat het baten-lasten stelsel bijdraagt aan meer transparantie, is de Duitse AR ervan overtuigd dat het baten-lasten stelsel juist meer mogelijkheden tot manipulatie van cijfers biedt. De academische literatuur geeft aan dat manipulatie bij beide stelsels mogelijk is (Reichard en van Helden, 2017).

Ook stelt de Duitse AR dat het kasstelsel nodig blijft voor het budgetrecht van de Bundestag, In Nederlandse gemeenten is inspraak van de gemeenteraad toch ook op gedegen manier geregeld door o.a. controle op de investeringen, lasten en indexeringen. Ook dit aspect is dus niet zwart/wit, maar kent vele grijstinten. Uit onderzoek blijft dat in veel landen waar het baten-lasten stelsel is ingevoerd toch vaak informatie richting het parlement gaat met gegevens op kasbasis. (Pallot & Newberry, 2010).

De beide AR’s hebben dus op hun eigen manier gelijk; maar staven hun uitspraken niet met empirisch bewijs. Ook in de literatuur komt telkens naar voren dat tot op heden veel landen nog met de implementatie bezig zijn en er weinig onderzoek is gedaan naar de effecten van invoering van het baten-lastenstelsel.

De impact van de invoering van het baten-lasten stelsel hangt af of de EU dit verplicht gaat stellen voor zowel de begroting en het jaarverslag. Het opstellen van de departementale jaarrekeningen conform het baten-lasten stelsel zal een grote impact hebben voor ambtenaren en accountants, maar ook alle politici, betrokken burgers etc.

Zoals de President van AR stelt: “behalve een sturingsinstrument voor de bestuurder is de boekhouding een drager van communicatie tussen de bestuurder en de toezichthouder – en tussen ministers en Tweede Kamer”. De vraag is welke vorm (ergo welk verslaggevingsstelsel) de communicatie optimaal faciliteert?

Tot op heden is er weinig empirisch onderzoek gedaan naar welk stelsel (zowel de begroting als het jaarverslag):

  • de informatievoorziening van de Tweede en Eerste Kamer het best faciliteert;

  • het kabinet de beste basis biedt om beslissing neemt;

  • ambtenaren in staat stelt om hun werk zo optimaal mogelijk uit te voeren

  • de burger het meeste inzicht biedt in beslissingen van de Rijksoverheid.

Onze collega Kim van Aerle wil graag bijdragen aan de verdere kennisontwikkeling op dit gebied en wil daarvoor graag in contact komen met ambtenaren en politici die mee willen doen aan een onderzoek om te zien welk stelsel het beste in hun behoefte voorziet.

[1] https://www.accountant.nl/opinie/2018/1/epsas-quatsch-deutsch/

[2] https://www.rekenkamer.nl/publicaties/publicaties/2018/01/04/betere-boekhouding-betere-democratie

Delen